En dan gaat ze dood…

En dan gaat ze dood…

Donderdagmiddag belt mijn vader. “Ellen is met spoed naar het ziekenhuis gebracht”.  Ik spring  meteen in de auto op weg naar mijn vader. Ellens zoon, Marcel, heeft haar naar het ziekenhuis gebracht. Ik tref mijn vader totaal ontredderd thuis.

Samen wachten we lang op meer nieuws.
Het is druk op de spoedeisende hulp en Marcel mag vanwege het coronavirus niet verder mee naar binnen om zijn moeder te begeleiden. Het ziekenhuis is hermetisch afgesloten.

Begin van de avond gaat de telefoon. Ze is opgenomen op de intensive care. Het gaat niet goed met haar vertelt Marcel die nog even bij mijn vader langskomt. Contactpersoon nummer 1 is mijn vader. Contactpersoon nummer 2 is Marcel. Het is natuurlijk zijn moeder.  Heel logisch, denk ik.
En tegelijkertijd: “Maar als de verpleging mijn vader belt, hoe moet dat dan?”  Gaat hij dan alleen naar zijn vrouw of samen met haar zoon? Of belt hij mij, ik ben toch zijn dochter? Tenslotte is ze al meer dan 34 jaar de partner van mijn vader, mijn stiefmoeder.  En ik wil er nu graag voor mijn vader zijn.

De nacht erna wordt mijn vader gebeld. Hij gaat zelf naar het ziekenhuis en zit een aantal uren aan haar bed, houdt haar hand vast. Het is kritiek. De volgende ochtend vertelt hij mij dat. Vanwege het coronavirus mag er maar 1 persoon bij haar.
Mijn vader heeft dan ook die nacht niet gebeld met Marcel.

Dat doet iets met mij

Dat doet iets met mij. Vragen tollen rond in mijn hoofd.  Wie gaat er dan als het echt heel kritiek wordt? Mijn vader of haar zoon?

De volgende dag breng ik mijn vader naar het ziekenhuis. Een kwartier later belt hij in tranen en in paniek, Ellen zal gaan sterven.  Ik bel Marcel en hij komt direct. Gelukkig mochten zowel Marcel als ik even bij mijn stiefmoeder zijn.

Wie gaat er waken? Mijn vader kan het helemaal niet aan.  Marcel is bang en twijfelt, zal ik bij haar blijven, durf ik dat? Mag ze rustig inslapen of lijdt ze veel?  Uiteindelijk ben ik degene die samen met mijn vader bij haar gaat waken. Zolang hij het volhoudt.  Precies op het moment dat mijn vader even weg is, komt de arts. “En wie bent u?” Ik ben haar stiefdochter. Maar u staat niet op de lijst, u bent geen familie, dus we mogen u geen informatie geven.”

Ze zit al 34 jaar bij mij aan het kerstdiner!  Ik doe al 34 jaar mijn best om de situatie te accepteren zoals deze is.  Het raakt mij en daar schrik ik ook van.  Ik wil graag informatie omdat mijn vader van 81 het niet goed aankan door alle emoties.  Dan wil ik graag bij het volgende gesprek zijn.  Mijn vader, Marcel en de arts hebben later een gesprek. Ik kan er niet bij zijn want er mogen maar 2 mensen aanwezig zijn in deze tijd. De oplossing komt:  via FaceTime kan ik erbij zijn. De arts vraagt wederom wie ik ben. En vraagt vervolgens aan Ellen : vind je het goed dat zij ook meeluistert?

De emoties gieren door mijn lijf

En hier gebeurt iets met mij. Ik word boos,  wil meeluisteren voor mijn vader, ik die  al zoveel  jaar met deze situatie dealt en nu mag/kan ik niet meeluisteren voor mijn vader??
De emoties gieren door mijn lijf.

Ik breng veel tijd door met mijn vader. Hij is zo verdrietig.  Toch hebben we ook mooie gesprekken.
Hij overziet zijn leven van voor de scheiding en na de scheiding.
Nu alweer 37 jaar geleden dat hij bij mijn moeder wegging.

Hij is trots dat hij heeft ontdekt hoe de wasmachine werkt. Ik hoor hem fluiten. Fluiten zoals hij vroeger deed….toen ik klein was. Tranen rollen over mijn wangen.  Ik hoor hem praten tegen zichzelf hoe hij de dingen moet aanpakken. Dit tafereel ken ik van vroeger.  Ik zie mijn vader weer!  Wat een cadeautje om dit te mogen meemaken.

Zou het dan zo zijn dat ik nog een paar jaar mijn vader voor mezelf mag hebben? Hier word ik van binnen heel blij van. Wel diep van binnen in mijn eentje, ik schaam me ook voor dit gevoel.  Mijn vader is 10 jaar ouder dan Ellen. Voor ons redelijk logisch dat mijn vader eerder zou wegvallen. Maar nu…  ik voel me een beetje euforisch, en stop dit ook gauw weer weg.

De volgende dag zit ik samen met Marcel op een bankje voor het ziekenhuis. Marcel  is hoopvol dat het misschien toch nog beter zal gaan, want het gevaar lijkt even geweken.  Wat ik dan voel , diep van binnen, durf ik geen taal aan te geven. Ik wil niet dat ze blijft, ik wil nog even mijn vader voor mij alleen.  Dan kijk ik naar Marcel en voel mij verschrikkelijk schuldig.
Natuurlijk wil hij dat zijn moeder blijft.  Durf ik dit aan te kijken? Ik wil mijn vader, hij zijn moeder.

We bespreken hoe we afscheid zullen nemen

We bespreken  hoe we afscheid zullen nemen.  Ik hoor de wensen van mijn vader en van Marcel. Ze liggen niet op een lijn. Ik zie mijn vader worstelen: “Het is mijn vrouw en jouw moeder”.  Ik wil er zijn voor mijn vader en voel duidelijk dat het lastig is om neutraal te blijven. Wie heeft het hier nu voor het zeggen? Zo kun je toch niet denken! Wat is dit ingewikkeld.

Een nare eenzaamheid bekruipt mij

Het huis van mijn vader en Ellen is niet mijn ouderlijk huis. Ik heb de taak op me genomen om mijn vader te helpen met de huishoudelijke taken. Hierdoor kom ik meer in het leven van hen samen. Een leven waar ik niet vaak heel dichtbij was. Ik voel me een vreemde in het huis van mijn vader.
Een nare eenzaamheid bekruipt mij.

De pijn van een kind van gescheiden ouders

Nog steeds na zoveel jaar, voel ik de pijn van een kind van gescheiden ouders.  Nog steeds is er mijn kindstuk: “Ik wil mijn vader!”

Ik laat mijn tranen weer de vrije loop.  Stop nog een wasje in de wasmachine.
Hoe zou dit voor mijn moeder zijn?  Komt bij haar ook de film van vroeger voorbij?  En zijn daar dan mooie of nare herinneringen?  Ik was nog zo jong.

Mijn  vader roept me voor de thee. Ik droog mijn tranen.  Mijn vader voor mij alleen.

Deel dit artikel op...

Linkedin WhatsApp